Weekoverzicht: alles dat u moet weten in minder dan vijf minuten

6 juli 2018

De goudprijs bleef deze week grotendeels ongewijzigd op een niveau van $1255 per troy ounce steken. Ook deze week stond de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China weer in de schijnwerpers. Maar niet alleen kondigde de Chinezen ditmaal tarieven aan in reactie op Trump´s importtarieven; er gebeurde ook nog een aantal andere zaken die niet op het eerste oog zichtbaar zijn en geen aandacht ontvingen in de pers. Ik heb de drie belangrijkste zaken voor u op een rijtje gezet.

De rentecurve blijft maar verder afvlakken (en wanneer halen journalisten en beleggers hun nek uit het zand?)

Afgelopen week werd ik geinterviewd door BBC World (hier te lezen in het Spaans) over de rentecurve. Uiteraard wordt ik afgezet tegen een ander econoom, die een 99% van de (grotendeels waardeloze) economische wetenschap vertegenwoordigt. Deze meneer verwacht géén recessie, ondanks het veilloze record van de rentecurve als waarschuwingssignaal voor recessies. Waarom? Dat wordt niemand duidelijk, in lijn met de non-argumenten die Janet Yellen eerder aanvoerde.

De Fed is de kortetermijnrente aan het verhogen? Dat klopt, maar eerder omdat ze gedwongen wordt dan omdat ze veel anders kan. Trump verlaagde de belastingen? Dat klopt, maar langetermijnrentes dalen eerder dan dat ze aan het stijgen zijn. En: so what? Was het niet zo dat Greenspan en Bernanke óók de rente verhoogden alvorens de 2008-recessie uitbrak? Het is niet alsof er ook maar enig tegenargument wordt aangedragen.

Het vooruitzicht is niet best: kortetermijnrentes stijgen terwijl langetermijnrentes gelijkblijven of dalen. We zijn een speld verwijderd van een omgekeerde rentecurve, waarbij kortetermijnrentes de langetermijnrente overtreffen. Volgens historische data, zo analyseerde ik, is bij de huidige niveau´s een beurscrash en recessie in 15 maanden zeer waarschijnlijk (15 maanden is de mediaan, het gemiddelde ligt iets lager op rond een jaar). “This time is different” zijn waarschijnlijk de vier gevaarlijkste worden op de beursvloer.

De spread tussen de 10-jaarrente en de 2-jaar (rood) en 3-maandrente (blauw) neigt naar nul. Bron: St Louis Fed

Groei in M1 geldhoeveelheid vlakt af en is zelfs negatief

Eén van de redenen waarom de kortetermijnrente stijgt, is het feit dat banken steeds meer moeite hebben om depositanten (spaarders) aan te trekken. Om een depositovlucht te voorkomen, worden zij gedwongen om de rente over hun kortlopende passiva te verhogen. Dit valt onder andere terug te zien in de groei in de M1 geldhoeveelheid.

M1 is in feite een optelsom van alle bankdeposito´s in een economisch systeem, in dit geval in de Verenigde Staten. De centrale bank heeft hier amper een rol in; M1 wordt bepaald door de vraag naar “geld” van het grote publiek. Wanneer de groei in M1 negatief is, betekent dit dat men deposito´s opneemt, uitgeeft of naar het buitenland overboekt. M1 in Griekenland, bijvoorbeeld, daalde met een derde in 2011, toen Griekse banken gebukt gingen onder een enorme kapitaalvlucht.

Nu is de groei in M1 in de Verenigde Staten aan het afzwakken, iets wat weinig goeds belooft. Sterker nog, een afvlakkende (of negatieve) groei in M1 gaat bijna altijd een recessie vooraf. En M1 is een concept wat maar weinig economen werkelijk begrijpen (wat niks te maken heeft met het feit dat iedereen ´begrijpt´ wat de technische definitie van M1 is); M1 wordt niet bepaald door de centrale bank, maar uiteindelijk door het publiek dat saldo aanhoudt bij binnenlandse bankinstellingen.

De kwartaalgroei in de M1-geldhoeveelheid neemt af: van 3% gaan we nu hard richting de 0% (momenteel 0,6%). Bron: St Louis Fed

Inflatie neemt, langzaamaan, toe

Niet alleen is het onvermijdelijk dat er ofwel binnenlandse inflatie ontstaat in de Verenigde Staten ofwel geld het land verlaat om elders uitgegeven te worden, maar ook de handelsoorlog van Trump begint de inflatie te beinvloeden. De rapporten van verscheidene lokale Federal Reserve banken tonen aan hoe Trump’s importtarieven en toenemende transportkosten (want, hogere energieprijzen) de inflatie aanwakkeren.

Het verhaal van Harley Davidson is tekenend. Harley Davidson kreeg eerst te maken met de importtarieven van Trump op staal. De motors van Harley Davidson bestaan grotendeels uit staalcomponenten. Vervolgens reageerde de Europese Unie op Trump´s importtarieven door zelf importtarieven in te stellen, maar ditmaal op luxieuze goederen en, specifiek (misschien raad u het al), op motorfietsen. Een niet misselijk importtarief werd ingesteld door de EU. In reactie hierop, besloot Harley Davidson om deel van de productie naar Europa te verhuizen. Een simpele beslissing, want: (a) duurder staal in de VS, (b) importtarief op motorfietsen in de EU, en (c) de wetenschap dat Harley-Davidson het afgelopen jaar de Europese afzet verhoogde en de Amerikaanse afzet zag dalen. De Amerikaanse fabrikant heeft niet het voornemen om de prijzen te verhogen, maar om de winst te verlagen.

Nu was Trump alles behalve blij met de beslissing van Harley Davidson om de productie deels naar de EU te verhuizen. Trump dreigde daarom met importtarieven op Europese autos. Het belangrijkste gevolg is hoe dan ook een, binnen afzienbare tijd, duurdere Harley Davidsons voor zowel Amerikaanse als Europese consumenten. En dus, u raad het al, een hogere inflatie.

De inflatie stijgt weer en bedraagt momenteel 2,2% (exclusief energie en eten/drinken) in de Verenigde Staten. Met een toename in het aantal wederzijdse importtarieven, kunnen we niet anders dan concluderen dat een hogere inflatie zeer plausibel is. Bron: St Louis Fed

Nieuwsbrief

Meld u aan voor onze wekelijkse nieuwsbrief en ontvang automatisch de scherpste analyses en het allerlaatste nieuws

“Tien dingen die u moet weten
alvorens u belegt in goud”

Meld u nu aan voor onze wekelijkse
nieuwsbrief en ontvang gratis het
exclusieve rapport over het beleggen
in goud.